← Alle artikelen
paarden27 april 2026door Nick Albers

Paard op stal: voeding zonder weidegang

Hoe voert u een paard dat op stal staat zonder weidegang? Ruwvoer, krachtvoer en watervoorziening voor stalpaarden uitgelegd.

Paard op stal: voeding zonder weidegang

Waarom een paard op stal komt te staan

In een ideale wereld zou elk paard dagelijks toegang hebben tot een ruime weide met vers gras. De werkelijkheid is anders. Er zijn diverse redenen waarom een paard tijdelijk of langdurig op stal moet staan zonder weidegang. Blessures zijn een veelvoorkomende reden: een paard met een peesletsel, beenbreuk of wond moet vaak weken tot maanden op stal revalideren. Hoefbevangenheid is een andere belangrijke reden, waarbij het paard absoluut niet op fructoserijk gras mag lopen. Tijdens strenge wintermaanden zijn weiden soms onbegaanbaar door modder of bevroren grond. En sommige paarden met metabole aandoeningen zoals het Equine Metabolic Syndrome (EMS) of de ziekte van Cushing mogen permanent niet of zeer beperkt op gras.

Wat de reden ook is, een paard zonder weidegang heeft een aangepaste voedingsstrategie nodig. De uitdagingen zijn groot: het paard mist vers gras als voedingsbron, mist zonlicht voor vitamine D-aanmaak, heeft minder beweging en is gevoeliger voor verveling en maagproblemen.

Ruwvoer als absolute basis

Voor een paard op stal is ruwvoer nog belangrijker dan voor een paard met weidegang, simpelweg omdat er geen gras beschikbaar is als aanvulling. De vuistregel is dat een paard dagelijks 1,5 tot 2% van zijn lichaamsgewicht aan ruwvoer (droge stof) moet krijgen. Voor een paard van 600 kg is dat 9 tot 12 kg hooi per dag.

De kwaliteit van het hooi is cruciaal. Laat uw hooi bij voorkeur analyseren bij een erkend laboratorium. Een hooi-analyse geeft informatie over het gehalte aan droge stof, ruw eiwit, suiker, zetmeel, mineralen en de energiewaarde. Op basis van deze analyse kunt u het rantsoen nauwkeurig aanpassen.

HooikwaliteitVEM/kg dsRuw eiwitSuiker
Goed paardhooi650-7508-12%<10%
Te rijk hooi>800>14%>12%
Te schraal hooi<550<6%Variabel

Hooi voor paarden met hoefbevangenheid of EMS moet een suikergehalte onder de 10% hebben. Door het hooi 30 tot 60 minuten in water te weken, lost een deel van de suikers op en kan het suikergehalte met 20 tot 30% worden verlaagd. Let op dat geweekt hooi sneller bederft en binnen enkele uren opgegeten moet worden.

Naast hooi kan stro als aanvulling dienen. Stro bevat weinig voedingsstoffen maar veel vezels, en houdt het paard langer bezig met eten. Een mengsel van hooi en stro is voor veel stalpaarden een goede oplossing. Gebruik maximaal 25 tot 30% stro in het totale ruwvoerrantsoen.

Slowfeeders: essentieel voor stalpaarden

In de natuur graast een paard 14 tot 18 uur per dag. Op stal krijgt een paard zijn hooi vaak in twee of drie porties, die binnen een paar uur zijn opgegeten. De rest van de dag staat het paard met een lege maag, wat leidt tot maagzweren, verveling en stalondeugden.

Een slowfeeder (ook wel slowfeeding net of hooinet genoemd) vertraagt de hooiopname aanzienlijk. Door het hooi door een net met kleine gaatjes te eten, is het paard langer bezig en bootst het de natuurlijke graastijd beter na. De voordelen zijn:

  • Minder kans op maagzweren door constante speekselproductie
  • Minder verveling en stalondeugden (weven, kribbenbijten, luchtzuigen)
  • Gelijkmatiger voedselopname gedurende de dag
  • Minder hooiverspilling doordat het hooi niet over de stal wordt vertrapt

Kies een hooinet met een maaswijdte van 3 tot 4 cm voor de meeste paarden. Voor ponies of paarden die snel eten kan een net met gaatjes van 2 tot 3 cm geschikter zijn. Hang het net op kniehoogte of iets hoger, zodat het paard in een natuurlijke houding kan eten.

Krachtvoer: wanneer en hoeveel?

Een paard op stal dat weinig tot geen arbeid verricht, heeft vaak geen krachtvoer nodig als het hooi van goede kwaliteit is. Veel paardenhouders voeren uit gewoonte of uit medelijden krachtvoer bij, maar dit kan snel leiden tot overgewicht en de bijbehorende gezondheidsproblemen.

Krachtvoer is wel nodig in de volgende situaties:

  • Het paard verliest gewicht op alleen ruwvoer
  • Het paard wordt getraind of verricht matig tot zwaar werk
  • Het paard is drachtig (laatste trimester) of zogend
  • Het paard is een hersteller na ziekte of operatie
  • Het hooi is van matige kwaliteit en een supplement is nodig

Als krachtvoer nodig is, kies dan een product met een laag suiker- en zetmeelgehalte. Verdeel de dagelijkse portie over minimaal 2 tot 3 maaltijden. Geef nooit meer dan 2 kg krachtvoer per maaltijd om pensproblemen te voorkomen. Een basisrichtlijn voor een stalpaard in licht werk is 1 tot 2 kg krachtvoer per dag.

Vitaminen: aandachtspunten zonder weidegang

Zonder weidegang mist een paard twee belangrijke natuurlijke bronnen van vitaminen:

Vitamine D: Paarden maken vitamine D aan in de huid onder invloed van UV-licht (zonlicht). Een paard dat permanent op stal staat, krijgt onvoldoende UV-straling en ontwikkelt op den duur een vitamine D-tekort. Dit beinvloedt de calcium- en fosforopname en kan leiden tot botontkalking. Een dagelijkse suppletie van 6 tot 10 IE vitamine D per kg lichaamsgewicht is aan te raden voor stalpaarden.

Vitamine E: Vers gras is de belangrijkste bron van vitamine E voor paarden. Hooi bevat aanzienlijk minder vitamine E dan vers gras, omdat een groot deel verloren gaat tijdens het droogproces. Een tekort aan vitamine E kan leiden tot spierproblemen en een verminderde weerstand. Stalpaarden hebben een aanvulling nodig van 1.000 tot 2.000 IE vitamine E per dag, afhankelijk van het lichaamsgewicht.

Een goed mineralenmengsel of balancer pellet, specifiek samengesteld voor paarden zonder weidegang, dekt deze tekorten doorgaans af. Laat bij twijfel een bloedonderzoek doen om de vitaminestatus te bepalen.

Water en elektrolyten

Een paard drinkt gemiddeld 30 tot 50 liter water per dag. In de winter daalt de wateropname vaak omdat paarden minder graag koud water drinken. Dit is problematisch, want onvoldoende wateropname is de meest voorkomende oorzaak van verstoppingskoliek in de wintermaanden.

Verwarmd water (10 tot 15 graden Celsius) stimuleert de wateropname aanzienlijk. Als een verwarmde drinkbak niet mogelijk is, kunt u meerdere keren per dag een emmer lauwwarm water aanbieden. Een liksteen of een snufje los zout over het voer (10 tot 30 gram per dag) stimuleert ook de dorstprikkel.

Maagzweren voorkomen en verveling bestrijden

Maagzweren komen bij stalpaarden schrikbarend vaak voor. Onderzoek toont aan dat tot 90% van de sportpaarden en een aanzienlijk percentage hobbypaarden maagzweren heeft, vaak zonder duidelijke symptomen. De belangrijkste oorzaken zijn lange periodes zonder voedsel, stress en gebrek aan beweging.

Preventieve maatregelen zijn:

  1. Zorg dat het paard nooit langer dan 4 uur zonder ruwvoer zit
  2. Gebruik slowfeeders om de hooiopname te spreiden
  3. Geef voor het krachtvoer altijd eerst een portie hooi, zodat de maag beschermd is
  4. Beperk stress door een rustige stalomgeving en sociaal contact met andere paarden
  5. Zorg voor dagelijkse beweging, al is het maar stappen aan de hand of in een stapmolen

Verveling is een serieus welzijnsprobleem bij stalpaarden. Bied afleiding door middel van een likbal, een speelbal in de paddock, regelmatig contact met andere paarden en variatie in het dagelijkse schema. Een verveeld paard ontwikkelt stalondeugden die zeer moeilijk af te leren zijn.

Wilt u de voedingsbehoefte van uw stalpaard nauwkeurig berekenen? Gebruik de VoerGids calculator om de juiste hoeveelheid ruwvoer en krachtvoer te bepalen op basis van gewicht, activiteit en levensfase.