Elektrolyten voor paarden: zweten en water in de zomer
Elektrolyten voor paarden: waarom zweten in de zomer zout kost, wanneer een zoutsteen volstaat en wanneer een elektrolytenmengsel nodig is.

Een paard koelt zichzelf vooral af door te zweten. Dat werkt goed, maar het kost het dier behalve vocht ook zout. Paardenzweet bevat namelijk relatief veel elektrolyten, meer dan menselijk zweet. Bij warm weer en werk kan een paard daardoor flinke hoeveelheden natrium, chloride en kalium verliezen. Vul je dat niet aan, dan kan het paard vermoeid en lusteloos worden en zelfs minder goed gaan drinken. In de zomer is de zout- en watervoorziening dus een aandachtspunt.
Wat elektrolyten doen
Elektrolyten zijn opgeloste zouten die het lichaam nodig heeft voor de werking van zenuwen en spieren en voor de vochtbalans. De belangrijkste zijn natrium, chloride en kalium, met daarnaast calcium en magnesium. Een rantsoen van gras en hooi levert meestal voldoende kalium, maar vaak te weinig natrium en chloride, oftewel keukenzout. Juist die twee verliest het paard volop met het zweten.
Een tekort merk je niet altijd meteen. Mogelijke signalen na fors zweten zijn:
- Vermoeidheid en een matte indruk
- Spierkramp of een stijve gang
- Minder drinken, terwijl het paard juist vocht nodig heeft
- Traag herstel na inspanning
Wanneer een zoutsteen genoeg is
Voor een paard in rust of met licht werk in een normale zomer is een zoutliksteen meestal voldoende, mits het paard er ook echt aan likt. Bied altijd een gewone witte zoutsteen aan, in de stal en in de wei. Sommige paarden likken te weinig, en dan kun je dagelijks een afgemeten hoeveelheid gewoon keukenzout door het voer mengen. Een richtlijn voor een paard in lichte arbeid is ongeveer 10 gram zout per 100 kilo lichaamsgewicht per dag, dus rond de 50 gram voor een paard van 500 kilo. Bouw dit rustig op en zorg dat er altijd vers water bij staat.
Wanneer je een elektrolytenmengsel nodig hebt
Bij paarden die in de hitte hard werken en daarbij flink zweten, schiet een zoutsteen tekort. Denk aan een lange buitenrit, een endurancetocht of intensieve training op een warme dag. Dan verliest het paard in korte tijd zoveel zout dat aanvullen via een elektrolytenmengsel verstandig is. Zo'n mengsel bevat naast natrium en chloride ook kalium en vaak magnesium, in een verhouding die past bij wat er met het zweet verloren gaat.
Een paar praktische punten:
- Geef elektrolyten rond de inspanning, en altijd met ruim water erbij
- Geef ze nooit op een lege maag, want puur zout kan de maag irriteren
- Meng het door een natte mash of door het voer, niet onverdund
- Een paard dat na het werk weer normaal vreet en drinkt, herstelt zijn balans grotendeels vanzelf
Twijfel je over de juiste hoeveelheid bij intensief gebruik, overleg dan met je dierenarts of voeradviseur. Te veel elektrolyten zonder genoeg water werkt averechts.
Water blijft de basis
Elektrolyten werken alleen als het paard genoeg drinkt. Een paard van 500 kilo drinkt op een gewone dag al 25 tot 35 liter, en bij hitte en werk kan dat oplopen tot 50 liter of meer. Zorg daarom altijd voor vers, schoon water. Een bezweet paard mag na het werk gewoon drinken; het oude idee dat een warm paard geen water mag, klopt niet voor normale hoeveelheden. Laat het paard rustig drinken en blijf in beweging tot het is afgekoeld. Meer over de waterbehoefte lees je in hoeveel water een paard per dag drinkt.
Pas het werk verder aan op de temperatuur. Rijd in de koelere ochtend of avond, las pauzes in de schaduw in en spoel een bezweet paard na met lauw water. Voor paarden met overgewicht of een gevoelige stofwisseling is hitte extra belastend, zie paard te dik, wat nu.
Een oververhit paard herkennen
Het is goed om te weten wanneer normaal zweten overgaat in een probleem. Een gezond paard dat na werk zweet en daarna rustig afkoelt en weer drinkt, is in orde. Let op wanneer een paard juist stopt met zweten terwijl het warm en bezweet zou moeten zijn, want dat kan wijzen op uitputting van de zoutreserves. Andere alarmsignalen zijn een zeer snelle ademhaling die niet tot rust komt, spiertrillingen, een wankele gang en sloomheid.
Meet bij twijfel de lichaamstemperatuur. Een paard zit normaal rond de 37,5 tot 38,5 graden. Loopt dat na inspanning ver boven de 39 graden en zakt het niet binnen een redelijke tijd, dan is afkoelen nodig: breng het paard in de schaduw, spoel het af met lauw water en laat het in kleine slokken drinken. Knapt het niet snel op, bel dan de dierenarts.
Voorkomen blijft beter dan genezen. Plan zwaar werk niet op het heetst van de dag, zorg voor schaduw in de wei en houd zout en water altijd beschikbaar. Zo blijft de elektrolytenbalans op peil voordat er een tekort ontstaat.
Zomereczeem en zonbrand
De zomer brengt voor paarden naast hitte ook andere ongemakken. Zomereczeem ontstaat door een allergische reactie op de speekselstof van knutten en kleine muggen, vooral rond de manen en de staart. Een paard met zomereczeem schuurt zich kaal en heeft veel jeuk. Een eczeemdeken, insectenwering en het binnenhalen van de dieren op de drukste vliegmomenten in de schemering helpen om de overlast te beperken.
Daarnaast kunnen paarden met witte aftekeningen, zoals een bles of witte benen, op die roze huid verbranden. Herhaalde zonbrand is pijnlijk en op termijn schadelijk. Houd gevoelige paarden op het heetst van de dag uit de volle zon en gebruik waar nodig zonnebrand voor dieren op de kwetsbare plekken.
Wei of stal op een hete dag
Of een paard op een hete dag beter in de wei of op stal staat, hangt af van de situatie. Een wei met volop schaduw van bomen en een goede luchtstroom is vaak prettiger dan een benauwde stal. Staat er geen schaduw in de wei, dan kan een goed geventileerde, koele stal overdag juist beter zijn, met weidegang in de koelere nacht. Kies wat voor jouw situatie de koelste en meest luchtige optie is.
Samengevat
Paardenzweet kost veel zout, vooral natrium en chloride. Voor rust en licht werk volstaat meestal een zoutsteen of een beetje keukenzout door het voer. Werkt een paard hard in de hitte en zweet het flink, dan is een elektrolytenmengsel met ruim water op zijn plaats. Water is en blijft de basis, en het werk verplaats je naar de koelere uren van de dag.