← Alle artikelen
Runderen27 juni 2026door Nick Albers

Hittestress bij koeien: melkgift, water en koeling

Hittestress bij koeien: waarom de melkgift daalt en hoe je het beperkt met water, ventilatie, schaduw en een aangepast rantsoen.

Hittestress bij koeien: melkgift, water en koeling

Koeien geven veel warmte af door de vertering van ruwvoer in de pens. Bij koel weer is dat geen probleem, maar in de zomer komt die warmte er bovenop de buitentemperatuur. Een melkkoe krijgt het daardoor al moeilijk bij temperaturen die voor ons nog aangenaam aanvoelen. Vanaf ongeveer 22 graden in combinatie met een hoge luchtvochtigheid begint hittestress, en dat heeft direct gevolgen voor het vreten en de melkgift.

Wat hittestress met de koe doet

Een koe met hittestress probeert minder warmte te produceren en gaat daarom minder vreten. Minder ruwvoeropname betekent minder bouwstoffen voor melk, dus de melkgift zakt. Daarbij herkauwt de koe minder, wat de pens uit balans kan brengen en de kans op pensverzuring vergroot. Ook de vruchtbaarheid lijdt eronder, want hitte rond de inseminatie verlaagt het drachtigheidspercentage.

Veel voorkomende signalen van hittestress zijn:

  • Snel en zwaar ademen, soms hijgen met de tong uit de bek
  • Koeien die dicht op elkaar in de schaduw of bij de waterbak staan
  • Minder herkauwen en minder vreten aan het voerhek
  • Een duidelijke daling van de melkproductie binnen een paar dagen
  • Meer staan en minder liggen, omdat staan warmte afgeven makkelijker maakt

Water is de eerste prioriteit

Een melkkoe drinkt op een gewone dag al snel 80 tot 120 liter water, en bij hitte kan dat oplopen tot 150 liter of meer. De wateropname moet die behoefte aankunnen. Zorg daarom voor voldoende en schone drinkbakken, met genoeg aanvoercapaciteit zodat de bak ook na het melken snel weer vol is. Koeien drinken vaak vlak na het melken veel in één keer, dus juist dan mag het water niet opraken.

Praktische aandachtspunten:

  • Reken op ruime drinkbaklengte per koe, zodat meerdere dieren tegelijk kunnen drinken
  • Maak de bakken regelmatig schoon, want algen en vuil remmen de wateropname
  • Zet extra drinkpunten bij in de wei en bij de uitgang van de melkstal
  • Controleer de aanvoer, want een te smalle leiding is op een hete dag zo leeg

Koeling in stal en wei

In de stal helpt luchtbeweging enorm. Ventilatoren boven de ligboxen en bij het voerhek voeren warmte af en houden de koeien op de plek waar je ze wilt hebben. Een combinatie van ventilatie met een fijne sproei-installatie werkt nog beter, omdat het verdampen van water de lucht afkoelt. Zorg dan wel dat de boxen droog blijven.

In de wei is schaduw de belangrijkste factor. Bomen, een windsingel of een schaduwdoek geven de koeien een plek om de zon te ontvluchten. Houd er rekening mee dat koeien die allemaal dezelfde schaduwplek opzoeken, daar dicht op elkaar gaan staan, wat de warmte juist vasthoudt. Ruime schaduw verspreid over het perceel is beter dan één klein plekje.

Het rantsoen aanpassen

Omdat de koe minder vreet, telt elke hap zwaarder. Voer daarom op de koelere momenten van de dag, vroeg in de ochtend en in de avond, en zorg dat het voer aan het hek vers blijft. Broei in het voer maakt het minder smakelijk en verhoogt de warmtelast, dus schuif vaker aan en ruim restvoer op tijd op.

Met de samenstelling kun je sturen, maar wel voorzichtig. Een iets energierijker rantsoen vangt de lagere opname deels op, maar te veel snel verteerbaar zetmeel vergroot bij minder herkauwen de kans op pensverzuring. Goede, smakelijke structuur blijft daarom belangrijk. Let ook op de mineralenvoorziening, want met het zweten gaan extra zouten verloren. Meer daarover lees je in mineralen voor rundvee bij weidegang, en over bijvoeren bij beperkt gras in koeien bijvoeren bij weidegang.

Op tijd ingrijpen loont

Het effect van hittestress stapelt zich op. Een enkele warme middag is meestal goed te overzien, maar bij een hittegolf van meerdere dagen op rij kan een koe niet voldoende herstellen en lopen de gevolgen flink op. Het verlies aan melk en vruchtbaarheid is dan groter dan veel veehouders verwachten, en het herstel duurt langer dan de hittegolf zelf.

Begin daarom vroeg in het seizoen met de voorbereiding. Controleer of de ventilatoren werken, of de drinkbakken voldoende capaciteit hebben en of er genoeg schaduw is voordat de eerste warme dagen komen. Een veehouder die de weersverwachting volgt en een dag van tevoren maatregelen treft, voorkomt veel schade. Wachten tot de koeien zichtbaar last hebben, betekent dat je achter de feiten aanloopt.

Houd ook de tussentijdse signalen in de gaten. Een dalende melkgift, koeien die overdag massaal staan in plaats van liggen en minder herkauwen zijn vroege tekenen dat het rantsoen en het stalklimaat aandacht nodig hebben.

Vergeet het jongvee en de droge koeien niet

De aandacht gaat bij hitte vaak naar de melkkoeien, omdat de melkgift zichtbaar daalt. Toch hebben ook droogstaande koeien en jongvee last van de warmte. Hittestress bij een droge koe in de laatste weken voor het afkalven heeft gevolgen voor de gezondheid van het kalf en voor de melkgift in de volgende lactatie. Geef ook deze groepen schaduw, ruim water en koeling.

Kalveren in eenlingboxen of iglo's kunnen in de zon flink oververhit raken. Zet de huisvesting in de schaduw, zorg voor ventilatie en bied kalveren naast melk ook altijd vers drinkwater aan. Juist bij jonge dieren wordt water in de zomer nog wel eens vergeten, terwijl ze het hard nodig hebben.

Gebruik de nacht om af te koelen

Een koe die overdag oververhit raakt, heeft de nacht nodig om die warmte weer kwijt te raken. Blijft het 's nachts warm, dan stapelt de hittestress zich over meerdere dagen op en wordt het effect steeds groter. Laat daarom in de avond en nacht de ventilatoren doordraaien en zet stallen zoveel mogelijk open. Voeren in de late avond past hier goed bij, want dan vreet de koe op het koelste moment van het etmaal.

Samengevat

Hittestress kost melk, vreetlust en vruchtbaarheid, en begint bij koeien al rond 22 graden met vocht in de lucht. Water is de eerste prioriteit: ruim, schoon en altijd beschikbaar. Voeg ventilatie en schaduw toe, voer op de koelere uren en houd het voer vers. Stuur voorzichtig met het rantsoen en let op de mineralen. Wie op tijd ingrijpt, beperkt de schade flink.